| 2.4.3.b)2° - voorbehandeling van afval voor verbranding of meeverbranding; |
de opslag, het sorteren en mechanisch behandelen van max. 1800 ton/dag niet-gevaarlijke afvalstoffen (2.4.3.b.2**), bestaande uit:
• 900 ton/dag bedrijfsrestafval, grof vuil, gemengd bouw- en sloopafval en andere niet-gevaarlijke afvalstoffen: samengestelde afvalstoffen, materialen die in elkaar vervat zitten, die niet-gevaarlijk zijn, niet-geurbelastend, niet SC1 stuifgevoelig zijn en geen dierlijke bijproducten zijn;
• 900 ton/dag niet-gevaarlijk houtafval; |
1800 t/d |
Ja |
| 2.4.5. - tijdelijke opslag van gevaarlijke afvalstoffen die niet onder rubriek 2.4.4. vallen, in afwachting van de behandelingen, vermeld onder rubriek 2.4.1, 2.4.2, 2.4.4 en 2.4.6 , met een totale capaciteit van meer dan 50 ton, met uitsluiting van |
de tijdelijke opslag van 862 ton gevaarlijke afvalstoffen (2.4.5**), bestaande uit:
• 20 ton gevaarlijk afval in gesloten containers/onder afdak;
• 25 ton asbestcement;
• 2 ton TL-lampen;
• 60 ton AEEA;
• 175 ton koel-vriesapparatuur;
• 30 ton KGA;
• 150 ton gevaarlijk behandeld houtafval;
• 150 ton zonnepanelen;
• 150 ton batterijen;
• 100 ton teerhoudende roofing |
862 t |
Nee |